Kaatje: verkleinwoord van de eerste letter van mijn naam. Geboren: Ja hoor! Op 11 februari 1964. Strop: Bijnaam van de Gentenaars, en dus ook de mijne. Mijn mannetje: mijn ventje, de andere helft van mijn trouwboekje. Schanulleke: Evelien, de tiener hier in huis. Herman De Coninck: Mijn favoriete dichter. Archief: Plaats waar mijn oude rommel in bewaard wordt.
Er stond hier ondertussen al een mooie lijst met linkjes. Maar hij werd te lang. En elke dag komen er -hebberig als ik ben- nog nieuwe bij... Dus heb ik ze allemaal ondergebracht op 'de leeslijst'. Tsjek dem out!
Herinneren jullie je nog dat ik hier een hele tijd geleden vertelde dat we met een MUIZEKE op zolder zaten?
Ondertussen is dat éne muizeke een hele stamboom geworden met ontzettend véél vertakkingen. Soms lijkt het ’s nachts alsof er boven ons hoofd meubels verhuisd worden. Die kleine monsters houden een ongelooflijk kabaal.
Mijn ventje kruipt met de regelmaat van een klok op zolder: elke avond gaat hij zijn beestjes eten geven en legt hij vergif. De ene keer wordt daar van gegeten, de andere keer laten ze het gewoon links liggen. Gisteren besloot hij dus om over te schakelen op meer rigoureuze middelen en schafte hij zich een paar oerdegelijke muizenvallen aan…
Toen hij vanmorgen een kijkje ging nemen, was al de kaas opgepeuzeld en waren de vallen dichtgeklapt. Maar er was geen enkele gevangen muis te bespeuren. Volgens mij zitten wij met een uitzonderlijk ras met een bijzonder hoog IQ…
Routebeschrijving: Te voet: De tentoonstelling is gelegen op 10min. te voet van het station. Metro: Wie liever niet te voet gaat naar de tentoonstelling kan gebruik maken van de metro tot aan het station Delacroix. Dit metrostation bevindt zich recht tegenover de Kelders van Cureghem.
Zoals ik handschoenen vind juist op die momenten dat ik koude handen heb, zo kreeg ik de laatste tijd langs alle kanten handreikingen op het moment dat ik ze het hardst bleek nodig te hebben.
Ik ben iemand die het moeilijk vindt om die handreikingen aan te nemen. Omdat ik bang ben dat ik niets heb om terug te geven, omdat ik schrik heb dat mensen iets van mij zouden kunnen verwachten dat ik hen niet kan geven. Ik heb er al vriendschappen mee verloren. Mensen gaven het –terecht- op na een tijd.
Het heeft te maken met een gedrag dat ik mijzelf heb aangeleerd in een tijd dat het veiliger was om achter een hoge muur weg te kruipen, om niet nog meer gekwetst te worden dan ik al was.
“Niemand staat er alleen voor – er is altijd iemand anders die op dezelfde manier aan het piekeren of aan het denken is, zich op dezelfde manier ergens op verheugt, of op dezelfde manier lijdt. En dat geeft ons kracht om de uitdaging die ons wacht, beter aan te kunnen. Als het lijden zich aandient, is het beter het te aanvaarden, want met net te doen alsof het er niet is, gaat het niet weg. Als de tijden vrolijk zijn, geniet, aanvaard dat het zo is, zelfs al ben je bang dat het een keer ophoudt.”
“Wow! Kijk eens, het begint nog harder te sneeuwen!”, roep ik enthousiast vanuit mijn zetel, terwijl ik Schanulleke in korte rok en met blote billen naar de Chiro zie vertrekken.
Ik hou van sneeuw. Misschien omdat ik er zo weinig zie, maar vooral op momenten dat ik er zelf niet door moet. Wandelen in zo’n weer is trouwens niet aangeraden, vanwege acuut slip- en valgevaar voor Kaatje.
Enkele uren later zie ik de kat van de buren door het witte tapijt trippelen. We drinken koffie met een advocaatje. De haard en de kaarsjes branden. Het lijkt wel Kerstavond.
En plots: een luide knal buiten, ergens aan onze achterdeur.
Mijn ventje en ik kijken verschrikt naar elkaar, begeven ons naar buiten in onze peignoir, en staan op onze sloefen in 10cm sneeuw de catastrofe te bestuderen.
De achtergevel van de buren, waar al een tiental jaar klimop op groeide, is plotseling weer een kale muur geworden. Door het gewicht van de sneeuw is het klimop-oerwoud naar beneden gestort, recht op de pergola waar ze tijdens warme zomeravonden onder eten. Hun tuin ziet er uit als ware er een aardbeving van 12 op de schaal van Richter doorgeraasd.
Ik kijk naar mijn ventje die staat te lachen. “Zo moet een lawine klinken,” besluit hij plotseling ernstig. Waarop we vlug weer ons plaatsje in onze warme zetel gaan opzoeken met uitzicht over onze eigen Alpen…
Al zowat mijn hele leven reist er een donker wolkje met mij mee. Ik ken verdriet helaas heel goed. Ik heb het ingeademd, uitgespuugd, binnenste buiten gekeerd en opgegeten. Van ongewenste reisgenoot werd het een bekende, die er op den duur gewoon ging bij horen.
Ik weet niet meer hoe of wanneer precies er iets is gaan veranderen. Het begon met moe zijn, ging over via irritatie naar frustratie naar kwaadheid naar nu is het genoeg! Want verdriet is een moeras. Je zit vast in de modder, verdrinkt er in, en komt geen enkele stap verder. Ondertussen gaat het echte leven gewoon verder, en aan jou voorbij. Zonde van je tijd.
Op dit ogenblik sta ik aan de rand van een oceaan. Zwemmen, surfen, zeilen, plotseling is er heel veel mogelijk. Het water roept. Ik proef het zout reeds op mijn lippen en voel de wind in mijn haar. En toch waai ik niet omver. Voorlopig komt er even geen orkaan en geen tsunami. Eigenlijk gaat het zomaar opeens mentaal heel erg goed. Ik kan het haast niet geloven, er is zelfs geen vogel die voorbij komt en op mijn hoofd kakt.
Ik heb deze morgen besloten dat het goed met mij gaat. Net zoals ik ooit heb moeten vaststellen dat het fysiek nooit meer goed met me ging komen, kan ik nu de keuze maken voor een betere toekomst, een goed heden.
Ik weet het, ik heb het mij al vaker voorgenomen. En er hoeft maar een klein zuchtje wind de kop op te steken om mijn voornemen terug van richting te doen veranderen.
Dus geen loftrompet en geen fanfare, gewoon het vaststellen van een feit, en er van genieten. Het is gewoon een ander etiketje, een andere bril waarmee je door het leven gaat. Als het fysiek terug slechter met mij gaat, dan gaat het daarom ook niet meteen mentaal weer slechter. Misschien gewoon een beetje minder goed.
Mijn glas is niet meer half leeg, maar terug half vol…
Mensen die mij volgen op Twitter konden het gisteren al lezen: ik heb goedkeuring gekregen om vanaf december 8u per week te werken. Jaaj!
Alles moet nu wel nog praktisch besproken en geregeld worden met de arbeidsgeneesheer en mijn werkgever, maar dat is maar een formaliteit, want alle partijen hadden reeds contact met elkaar. En ja, ze verklaren mij nog steeds allemaal gek, maar ik heb ze toch lekker allemaal van mijn gelijk kunnen overtuigen. Nèm!
Er zijn wel een paar “maars” bij de toelating: zo moet ik die 8u verspreiden over vier dagen, met een maximum van twee uur per dag, en moet er de woensdag verplicht gerust worden. Een regeling waar ik mij prima kan in vinden.
Acht uur licht administratief werk lijkt voor de meeste mensen waarschijnlijk onnozel weinig, maar ik kom van ver. Ik kan nog steeds geen uur na elkaar op een stoel blijven zitten, en door de zware medicatie heb ik fameuze concentratieproblemen. Maar ondanks dat ben ik toch ongelooflijk blij dat ik terug aan de slag mag, al is het dan heel beperkt. Mijn dagen krijgen terug een invulling, er is weer een reden om elke dag op te staan, en vooral: ik kom weer onder de mensen.
Gisteren kreeg ik trouwens in verband hier mee nog een passende “DAGELIJKSE GEDACHTE” in mijn mailbox: “Moeten maakt de dingen moeilijk. Willen maakt ze gemakkelijk.”
En ik WIL! Van mij mag het morgen al december zijn…
Een blog? Ik had er begot nog nooit van gehoord. Maar net op datzelfde ogenblik kreeg ik een mail van Skynet dat ik bij hen helemaal gratis en voor niets een blog kon aanmaken. En ik begon. Heel aarzelend in het begin, en heel anoniem (dacht ik). Want wie zet er nu zijn leven op ’t internet. Niemand toch?
Ik was er van overtuigd dat niemand –behalve dan misschien een paar enkelingen- mijn schrijfsels ging lezen, dus toen ik mijn allereerste reactie ontving, was dat een enorme verrassing.
Ik kom van ver hé.
Het duurde niet lang vooraleer er meer reacties kwamen. En meer lezers. Ik ging al eens terug reageren op een andere blog, begon andere blogs te lezen, en de bal was aan het rollen.
Nu, enkele jaren later, is het veel meer geworden dan zomaar die ene blog. Het internet is voor mij ondertussen één reusachtige grote speeltuin. Met mijn eigen STARTPAGINA, mijn FLICKRACCOUNT waar ik mijn foto’s aan de wereld laat zien, TWITTER, waar iedereen kan lezen wat voor interessante activiteiten ik zoal doe op een dag (*kuch*), en sinds eergisteren ben ik nu ook terug te vinden op FACEBOOK. (En dan heb ik het nog niet eens gehad over chatten, of over mijn TUINBLOG en mijn KAMERPLANTENBLOG, die ondertussen al een tijdje op non-actief staan).
Als ik al eens een dag -om wat voor reden dan ook- niet op het internet kan, dan voel ik mij méér gehandicapt dan door al mijn fysieke beperkingen. Ik verslaafd aan de computer? Welneej…
Efkes kort: ik ga mij de rest van de dag koest houden in mijne zetel.
Op. Van te douchen, stel je voor. Je kan mij opvegen. Met handborstel en vuilblik.
Gene paniek, morgen dwarrel ik weer alle kanten op. En tegen vrijdag ben ik vast weer helemaal tiptop, want dan heb ik een afspraak bij de adviseur en wordt er beslist of ik dat administratieve werk(je) mag doen. Behandelende dokter en kinesist hebben mij ondertussen een beetje gek verklaard, maar deze kans geef ik niet af.
Op de radio werd gezegd dat het vandaag grijs en nevelig ging zijn.
Geen zin om daar in te gaan wandelen. Ik hou mij dus in mijne zetel. Dag!
Sinds vorige week heb ik weer een prachtige afsluiter van het weekend op mijn tv: de herhalingen van de eerste reeks van ‘De Bende van Wim’, op TVEen.
Op hun moto’s rijden de drie vrienden –Michiel Hendryckx, Jean Blaute en Wim Opbrouck- elke week weer door prachtige landschappen. En wees gerust dat ze van elkaars gezelschap en van de reis genieten. Er wordt veel plezierig-onnozel gedaan, maar tussendoor steek je er als kijker ook nog iets van op.
De hele tijd volg je een stelletje speelse jongens in een mannenlijf. Tussendoor maakt Michiel Hendryckx prachtige zwart-wit foto’s, en zingen en muziek maken gebeurt ook op tijd en stond. Met muzikanten à la Blaute en Opbrouck kan dat natuurlijk niet ontbreken.
Ik zou zó mee willen rijden, al besef ik dat ik waarschijnlijk niet eens kans maak. Ze houden het daar ongetwijfeld veel liever op mannen-onder-elkaar…
De nacht van vrijdag op zaterdag kreeg ik amper enkele uren slaap, maar ik hield aan mijn uitstap van vrijdagavond een glimlach over die nog héél lang op mijn gezicht zal blijven plakken.
Dé remedie om weer goesting te krijgen in het leven en weer levenslust door je aderen te voelen stromen is bijzonder simpel maar effectief gebleken.
Er was een etentje voor nodig bij een collega die met pensioen ging (en mij nog steeds bij de collega’s rekende), een fantastisch buffet dat ze in elkaar had geknutseld, overal theelichtjes, maar vooral: een bijeenkomst van allemaal gelijkgestemde zielen, die verhalen vertelden en herinneringen ophaalden uit een ver verleden.
C., die eigenlijk al in januari met pensioen ging, prikte een tijdje geleden een datum uit, verstuurde uitnodigingen, en toen brak er een tijd aan van in ’t geheim afspreken om voor gepaste cadeau’s te zorgen en… voor mij om af te tellen naar dé dag, als betrof het aftellen naar de komst van de Sint.
Ik besloot om er alles aan te doen om er te staan, dus heel de voorafgaande week deed ik het kalmpjes aan. Je kan je tenslotte niet vertonen op een feestje met wallen onder je ogen hé.
Één moment sloeg de twijfel nog toe, want ik was vrijdagmorgen niet echt op mijn best. Maar met het vorderen van de dag kreeg ik meer en meer goesting, en ik besloot dat mijn lijf deze dag niét ging verpesten.
Na het aperitief vroeg mijn baas (die altijd in goede form en aangenaam gezelschap is), of ik geen zin had om een paar uur per week administratief werk voor hem te komen doen. Ik dacht niet eens na over mijn antwoord, en zei meteen enthousiast: JA! Ik werk graag met de computer, kan maar een paar uur werken per week aan, en hij heeft maar een paar uur per week iemand nodig. Volgens mij wordt dat de perfecte match. (Alleen moet alles nu nog geregeld worden met adviseur en bedrijfsarts, maar ik denk wel dat dat moet lukken.)
Met het vorderen van de avond werd de sfeer alleen maar zotter en gezelliger. Met als resultaat dat ik pas rond halftwee in mijn bed lag. God jongens, wat heb ik genoten.
Gisteren had ik het gevoel dat ik naar twee trouwfeesten tegelijk was geweest, maar ik voelde mij helemaal blij en gelukkig vanbinnen. Als alles goed gaat, behoort Kaatje binnenkort dus weer tot de werkende klasse. Op heel beperkte schaal weliswaar, maar ik zie het plan he-le-maal zitten…
Mijn nieuwe dag begon met het goeiemorgen wensen van mijn ventje en mijn dochter, het lezen van mijn krant, de zonsopgang, roepende eksters in de tuin, en smullen van een zelfgebakken roggebroodje.
Een nieuwe dag, vol gebruis en herfstgeuren.
Misschien bestaat deze dag voor jou wel uit een uitzicht over een mooie mistige wei, misschien sta je nu wel in de file, misschien voel je wel vrolijk getrappel in je zwangere buik, misschien ben je nu koffie aan het drinken, misschien ben je druk aan het werk, of struikel je over een berg wasgoed die klaarligt om gewassen te worden.
Een nieuwe dag, met honderden nieuwe mogelijkheden.
Misschien is mijn dag vandaag ook wel een beetje jouw dag. Wie weet komen we elkaar vandaag wel ergens tegen.
Dat zou nu toch echt wel dé uitvinding van de eeuw kunnen zijn: een soort van minicomputertje dat je boven op je hoofd kan zetten, en dat dan automatisch je gedachten registreert. En die dan in een worddocumentje zet dat je kan uitprinten of zo.
Dat zou mij toch echt wel een heel stuk vooruit helpen op dit moment, want mijn hoofd stroomt de laatste tijd over van de zorgen, maar vooral van de onzekerheden. En ik wil ze wel op papier zetten, maar elke keer als ik er aan wil beginnen, blokkeren mijn vingers en komen er alleen maar onnozelheden uit. Alles blijft dus hangen in mijn arme hoofd, en dat wordt stilaan veel te klein door al die prullen.
Met zo’n minicomputertje zou ik misschien af en toe eens mijn hoofd kunnen leegmaken, en zou ik gewoon aan mijn dokter en de mensen in mijn omgeving kunnen laten lezen wat er mij allemaal bezig houdt op dit moment, zodat ik het hen niet elke keer moet proberen uitleggen, want er over praten is ook al niet mijn sterkste punt.
Pfwoehhh, ik had nooit gedacht dat volwassen worden zo moeilijk ging zijn. Soms zou ik toch echt wel eens onbezorgd door het leven willen stappen…
Ik hield van de muziek van zowel de ene als de andere. Hun stem, de bijzondere manier van muziek maken… Adembenemend.
Met het heengaan van Miriam en Wannes zijn we twee uitzonderlijke en grote artiesten armer.
Niemand hoeft een standbeeld omdat hij bijzondere gaven kreeg, maar wie met zijn talenten iets groots deed dat mooie sporen achterlaat in de hoofden en de harten van mensen, verdient wel een loflied. En beiden lieten ze fraaie muzieksporen na.
De muziek die ze achter laten is hun testament. Ik ben zeker dat elkeen die de eer had om ooit met een van hen samen te werken, deze erfenis voor altijd bij zich zal dragen.
De ganzen vlogen in grote, prachtige V-formaties naar betere oorden. Waren wij maar vogels…
De ik-heb-haast-niet-geslapen kater manifesteert zich.
Toch probeer ik de dag zo normaal mogelijk door te komen, want mijn mannetje en mijn dochter hebben een vrije dag. Mijn mannetje installeerde vorig weekend op mijn werkplek een grote legplank, zodat er extra ruimte is bijgekomen voor al mijn fotospullen, CD-roms, USB-sticks… dus kan ik –eindelijk- mijn bureau opruimen.
Vriendinnetje A. komt langs. Wat is zij toch een toffe vriendin. Ze gaat met mij naar de kiné als ik niet zelf met de auto kan rijden, ze helpt mij af en toe eens met boodschappen doen als mijn mannetje geen tijd heeft, en ze heeft ook nog voldoende aandacht om te luisteren. Het helpt mij allemaal om dingen los te proberen laten. Al lukt het nog niet helemaal.
Toch heb ik een beter gevoel na haar bezoek, al raak ik nog altijd snel geïrriteerd, ben ik nog altijd niet voldoende uitgerust, en heb ik mij nog altijd onvoldoende verzoend met mijn situatie.
Dat blijkt alleen al uit het feit dat ik vanmorgen bedacht dat er al haast drie dagen voorbij zijn van het lange weekend, in plaats van dat ik blij was omdat er morgen nog een extra vrije dag voor mijn huisgenoten aan komt.
Mijn glas is nog altijd half leeg, ik weet het, en ik ben de enige die het weer gevuld kan krijgen…
“Schanulleke wordt zo afgehaald door C. om naar de chiro te gaan”, zeg ik tegen mijn mannetje terwijl ik nog een slokje Hotcémel drink en me nog een keer lui uitrek.
Mannetje schrikt op van achter zijn krant, met een stukje cake in zijn mond.
“Ow!”, verschiet hij, terwijl hij zijn streepkespyjama schoon rechttrekt, “Zou C. ook binnen komen denk je?”
Op de HP 2133 MINI-NOTE die ik vandaag van mijn ventje cadeau kreeg. Een mini-laptopje van amper 25.5 x 16.5 x 3.3cm “groot”, maar met een toetsenbord en een vermogen die bijna evenwaardig zijn aan die van een gewone laptop. Qua mobiliteit kan het tellen: je kan het speelgoedje zelfs in je handtas kwijt.
Als kers op de taart kreeg ik ook nog een USB-Modem met een “Internet Everywhere”-abonnement van Mobistar cadeau. Vanaf nu ben ik dus overal en altijd verbonden met het Wurreld Wide Web. Zelfs als ik eens een dag bedlegerig ben, of niet uit mijn zetel geraak, of langs het ziekenhuis moet: ik blijf verbonden met de buitenwereld. En (vooral) met mijn vriendjes en vriendinnetjes op MSN. Tenminste: als het netwerk van Mobistar het doet, want net vandaag liet dat het afweten. Maar goed, liefde is blind. Het is Mobistar (voor even maar hoor!) vergeven…
Gisterenavond voor het eerst in weken nog eens een stapke in de wereld gezet. Ik had een tijdje geleden reeds kaarten besteld voor “De Toverfluit” van Mozart, in de Capitole in Gent, dus ik heb het er maar op gewaagd. De volgende dagen worden hier weer uitgeroepen tot rustdag, maar dat kan mij niet schelen, want Schanulleke en ik hebben echt genoten van onze uitstap.
We lieten ons onderdompelen in de muziek en in het verhaal, en zagen bij elkaar bij elke mooie aria een brede glimlach op het gezicht verschijnen. Even de ellende vergetend die de voorbije weken ons bracht.
Vandaag werd er weer overgegaan tot de orde van de dag. Om 10u had ik een afspraak bij de huisarts voor een bloedafname en een griepprik. Straks, rond 17u, mag ik bellen voor de uitslag, en dan weten we of ik terug op de goede weg ben.
*Update*: Net naar de huisarts gebeld en mijn bloedwaarden zijn vééééééél beter dan twee weken geleden. Nog even en ik kan weer dansen!!
“Er mag een beetje leven in zitten”, zeg ik als de kapster vraagt “hoe ik het wil”.
Ze gaat enthousiast aan de slag. Terwijl ze begint te knippen, babbelt ze verder met haar andere klanten. Eigenlijk is ze méér met die klanten bezig dan dat ze aandacht heeft voor mijn kapsel. Na de knipbeurt begint ze te goochelen met de haardroger en haar vingers. Ik heb het gevoel dat ik aan het uitwaaien ben op het strand.
Als ze gedaan heeft, en mij trots met een 2e spiegel de achterkant van mijn hoofd laat zien, lijk ik op een poedel. Ik heb een immense bos krulhaar op mijn hoofd en lijk zó weggelopen uit de musical HAIR.
“Niets ne meer aan te doen!” zeg ik lachend. Beetje pijnlijk blijkt even later, want dit is toch écht wel het eindresultaat dat ze voor ogen had. Ze kijkt me een beetje raar aan, deelt duidelijk niet mijn gevoel voor humor. “Er moest toch een beetje leven inzitten!”
Ze heeft mij inderdaad waar gegeven voor mijn geld…
Gisteren een heftige discussie gehad met mijn ventje, over of ik nu wel of niet terug Spaanse les ga volgen. Hij verklaart mij gek dat ik er in de gegeven omstandigheden zelfs nog maar wil aan denken om het toch weer te gaan proberen. De donkere randen rond mijn ogen zijn nog belange niet verdwenen, en ik kan wel janken om de onrust die de voorbije weken in mijn kop teweeg brengt.
“Neem nu toch ne keer deftig de tijd om te herstellen. Wie heb je eigenlijk nog iets te bewijzen?” Zei hij op ietwat kwade toon.
Ik weet dat hij voor 200% gelijk heeft, en dat het veel verstandiger is om bij mijn eerdere beslissing te blijven en naar school gaan voorgoed uit mijn kop te zetten, maar in mijn hoofd blijft er een stemmetje fluisteren dat ik het misschien tóch opnieuw moet proberen.
Ik blijf het er G*DV*RD*MM* moeilijk mee hebben om het op te geven...
Vandaag moest ik op controle gaan bij mijn revalidatiearts, en ze zei mij dat ze mij een taaie bikkel vindt. Ik vond het best een compliment, en ik weet dat ze het ook zo bedoelde.
De keerzijde is dat ik nog altijd regelmatig over mijn grenzen ga. Al probeer ik daar de laatste tijd toch iets verstandiger in te zijn, en beter voor mijzelf te zorgen.
Ondertussen ben ik nog altijd op mijn positieven aan het komen van de laatste opstoot. Ook taaie bikkels bereiken wel eens het uiterste van wat ze nog kunnen verdragen…
Vrij 3/4: VTM 20.40: Charlotte's Web Za 4/4: Ned2 22.45: Hotel Rwanda Zo 5/4: Canvas 21.55: Cidade de Deus Ma 6/4: Ned2 22.50: NCRV Dokument: Gedeelde kinderen - Estee, Eva en Bloem Di 7/4: Canvas 22.10: Stijn en het heelal: De ruimte (1/6) Woe 8/4: Canvas 23.30: Fahrenheit 9/11 Do 9/4: Ned2 22.50: The Passion